Hoe warm stook ik als ik niet thuis ben?

vrijdag 8 oktober 2021 - 07:00
Eric uit Tongeren bewoont zijn huis maar vier dagen per week. Hij vroeg zich af hoe hij zijn thermostaat het best instelt als hij er niet is.

Eric uit Tongeren bewoont zijn huis maar vier dagen per week. Hij vroeg zich af hoe hij z’n thermostaat het best instelt als hij er niet is.

Deze winter laat hij de binnentemperatuur telkens zakken tot 17 à 18 graden, om ze dan terug te laten opwarmen tot 21 graden als hij thuiskomt. Maar, vroeg hij zich af, is het niet beter om de thermostaat gewoon op 21 graden te laten staan? Dan hoeft de ketel maar kort bij te warmen telkens de temperatuur een graad zakt, en misschien kost dat minder energie dan als de ketel moet bijpompen van 17 naar 21 graden. De thermostaat is digitaal en grijpt in als de temperatuur een graad zakt. Is het dan voor de ketel geen even grote inspanning om bij te warmen van 16 naar 17 graden dan van 20 naar 21 graden?

We gingen grondig te werk en staken ons licht op bij het Vlaams Energieagentschap, de ATTB (Associatie voor de Thermische Technieken van België vzw) en Bouwunie (de Unie van KMO-bouwbedrijven). Luc Dedeyne zette alles op een rij bij Hein. Hij is architect en energieconsulent voor de Bond van Vlaamse Architecten en het Nationaal Architectenverbond.

De stelling “een graadje bijverwarmen van 16 naar 17 graden is hetzelfde als een graadje bijverwarmen van 20 naar 21 graden” klopt alleen in theorie. Je moet namelijk ook rekening houden met de buitentemperatuur. Hoe kouder het buiten is in verhouding tot de binnenhuistemperatuur, hoe sneller het binnen zal afkoelen. En het is nu eenmaal vaker 14 graden dan 21 graden in ons klimaat… Vandaar dat je ketel sowieso harder zal moeten werken om het huis op 21 graden te houden dan op een lagere temperatuur.

Als je niet thuis bent

De meeste mensen stellen de thermostaat in op 21 graden als ze thuis zijn – de comforttemperatuur. De meeste huizen zijn tegenwoordig zo goed geïsoleerd dat je bij afwezigheid gerust de temperatuur kan instellen op 14 graden. Die temperatuur is laag genoeg om weinig te hoeven stoken, maar hoog genoeg om condensatie in huis te vermijden. De binnenlucht dreigt namelijk te condenseren op koude ramen en muren als het te koud wordt in huis. Bovendien zal het een hele tijd duren voor het effectief 14 graden wordt in huis, zeker in goed geïsoleerde woningen.

Een verwarmingsketel heeft een hoger rendement als hij in één keer het huis moet opwarmen (van 14 naar 21 graden) dan als hij telkens het huis een graadje moet opwarmen. Het verschil kan in sommige gevallen oplopen tot 10%.

Nachttemperatuur

Het heeft niet veel zin om je thermostaat ’s nachts op 21 graden te laten staan. Je kan hem beter instellen op 16 graden. De kans is tegenwoordig klein dat het huis in één nacht zo veel zal afkoelen, dus de ketel zal wellicht niet aanslaan. Als je bijvoorbeeld in een rijwoning woont, dan verwarm je het huis ook via de buren. Daardoor zullen de aanpalende leefruimtes ook niet zo snel afkoelen als bijvoorbeeld in een open of halfopen bebouwing.

Hoedanook is 16 graden een goede minimumtemperatuur om het huis ’s ochtends op relatief korte tijd terug op te warmen. Als je huis minder goed geïsoleerd is en ’s nachts meer dreigt af te koelen, dan zal het ’s ochtends langer duren om de leefruimtes comfortabel warm te krijgen. Je moet namelijk niet alleen de lucht opwarmen, maar ook alles wat in de kamer staat, bijvoorbeeld de meubelen. Als die ’s ochtends nog niet mee opgewarmd zijn, heb je last van koudestraling. En die zorgt er dan weer voor dat je je thermostaat misschien nog hoger zal zetten dan 21 graden, waardoor je nog meer zal verbruiken.

Over de comforttemperatuur

De temperatuur die je instelt als je thuis bent is op haar beurt van enkele factoren afhankelijk:

  • Jezelf: de ene mens heeft het al warm genoeg bij 18 graden C°, terwijl de andere het pas bij 23 graden comfortabel warm heeft.
  • De plaats zelf: in een woonkamer met veel glaspartijen kan een temperatuur van 21 graden minder comfortabel aanvoelen dan dezelfde temperatuur in een woonkamer waar minder glaspartijen aanwezig zijn of waar de overgordijnen zijn gesloten. Dat komt onder andere door de koudestraling van de glaspartijen. Een kleine lage ruimte zal ook sneller comfortabel aanvoelen met een gelijke temperatuur dan een grotere en hogere ruimte. Bovendien speelt luchtvochtigheid ook een rol voor de gevoelstemperatuur

 

Aanbevelen via mailSturen via mail

het gezegd heeft!