Pendelaar Sofie geraakt niet van de trein in Wervik en moet noodgedwongen verder rijden: "Alsof ik nog niet lang genoeg op de trein zit!"

vrijdag 17 januari 2020 - 11:36
Sofie is een pendelaar. Ze reist gemiddeld 4 dagen per week van haar woonplaats in Wervik naar haar werkplaats in Brussel. Eén treinrit duurt 1 uur en 37 minuten. In theorie. In de praktijk is dat altijd langer. Sofie is ook een kritische consument. Ze werkt voor De Inspecteur op Radio 2. Een kritische, pendelende consument. Dat geeft vaak vonken. Maar het levert vooral inspiratie op. Voor haar, voor jou en voor de NMBS en Infrabel.

Nu heb ik toch weer wat meegemaakt, zeker. Het zag er nochtans allemaal goed uit. De trein vertrekt redelijk op tijd in Brussel, hij rijdt vlotjes naar Wervik, maar in Wervik geraak ik er niet af. 

Geen paniek

We komen aan in Wervik. Ik sta aan de deur. De trein staat langzaamaan stil, en ik druk op de groene knop. Niks. Ik druk nog eens. Niks. Ik hoor ook geen ‘pufje’, zoals je meestal hoort op het moment dat de treinbegeleider de deuren losmaakt. Ik druk nog eens. Ik raak niet in paniek, a neen, want ik ben een doorwinterde pendelaar en ik weet dat er af en toe wat fout kan lopen. En dat je geduld moet hebben.

Ik kijk door de gang naar de andere deur. Ook daar staat een jongen vergeefs te kijken. “Gaat de deur bij jou ook niet open?” “Neen.” We drukken nog eens. Ik zie ook niemand op het perron passeren.

Ik twijfel of ik naar een andere wagon zou lopen. Maar dat kost tijd, want ik moet door die dubbele schuifdeuren. En in die tijd gaan de deuren misschien wel open, en ben ik te laat. Pffff, daar gaan we weer, hoor: gokken, snel beslissingen nemen,… Dat is de trein nemen: kansberekening.

Ik doe een raampje open en kijk op het perron. Ik zie de treinbegeleider staan, ze blaast net op haar fluitje, de pieptoon weerklinkt en we vertrekken! Komaan! Dit kan toch niet!

“Het zou niet mogen”

Ik loop de wagons door, op zoek naar de treinbegeleidster. Gelukkig zag ik haar op de trein stappen, dus ik weet dat ze niet heel ver zit, zo’n twee wagons ver. Intussen bel ik mijn man op. “Ik geraakte er niet af in Wervik, ik ben op weg naar Komen! Kan je me komen halen?” Hij zucht. “Hoe kan dat nu? Kan de NMBS jou nu niet eens gewoon op tijd en normaal naar huis brengen?” Hoewel hij bijna nooit de trein neemt, zit zijn frustratie over de NMBS hoog. Vaak hoger dan bij mij, merk ik.

Ik vind de treinbegeleidster. “Ik geraakte er niet af in Wervik!” “Oei, zegt ze. Dat is raar. Want alle andere deuren gingen open. Ai ai toch. Dat zou toch niet mogen hé. Ik hoop dat we snel nieuw materiaal krijgen, want dit is niet meer te doen.”

Het zou niet mogen. Maar het kan gebeuren. Hopelijk verdwijnen deze treinstellen snel. 

Treinbegeleidster

Tja. Het is wel straf als zelfs de treinbegeleidster niet meer verwonderd is dat deuren niet open gaan. “Ik hoop dat, als de nieuwe dubbeldektreinen komen, deze stellen eruit gaan,” zegt ze. Ja, dat hoop ik ook. Mijn trein stond al meermaals in panne. En al twee weken is 1 wagon defect, hij is niet toegankelijk voor de reizigers met als gevolg dat er plaats te kort is.

Maar bon. Daar sta ik dan. Op de trein richting Komen. Alsof ik nog niet lang genoeg op de trein zit, doe ik er nog een halte bij. En nu? De treinbegeleidster zoekt op wanneer er vanuit Komen een trein is naar Wervik. Dat is binnen drie kwartier. “Mijn man komt mij halen,” zeg ik. “Oef,” zegt ze. “Ik ben blij. Het zou niet mogen hé. Ik ben blij dat je thuis geraakt, want ik vind dat zeer vervelend.” Arme vrouw. Ze kan er ook weinig aan doen. “Ik controleer meteen de deuren als we in Komen arriveren,” zegt ze.

De klok! De klok!

We stoppen in Komen en stappen af. Alle deuren gaan open. “Ah ja, kan gebeuren,” zegt de treinbegeleidster. “Dat ze eenmalig niet werken. Geen idee hoe dat komt. Allez, goed thuis hé.”

Daar sta ik dan. In Komen.

De NMBS reageert niet op mijn tweet. Toch niet die avond. Een halve dag later krijg ik wel een berichtje van Jeffrey.

Hallo pendelaar, je tweet was even onterecht op 'afgehandeld' gezet hier waardoor we je niet hebben kunnen antwoorden. Sorry hiervoor! Hopelijk had je snel een trein terug? 

Jeffrey van de NMBS

Neen, ik had geen trein terug. Maar ik ben wel thuis geraakt. Het was geen ramp. Jeffrey belooft me wel dat de deuren zullen worden nagekeken. En hij herhaalt nog eens dat het niet zomaar zou mogen gebeuren. Het klopt, het zou niet mogen gebeuren. Maar het is toch gebeurd.

Ik merk trouwens dat het station in Komen wél nog een stationsklok heeft. Hè? Die werden toch verwijderd wegens besparingen? Hmmm…

Interessant, moet ik eens uitzoeken. ‘k Zou nog dankbaar kunnen zijn dat ik het station van Komen eens van nabij zie. NOT.

Alle andere verhalen vind je op Sofies website

Je kan ook haar Facebookpagina leuk vinden!

Aanbevelen via mailSturen via mail

het gezegd heeft!