Eddy Planckaert in De Rotonde: "Koersen is niet het mooiste wat er bestaat; koersen is keihard afzien"

zondag 7 februari 2021 - 10:00
De Ronde van Vlaanderen, Omloop het Volk, Parijs-Roubaix, de Brabantse Pijl, Eddy Planckaert heeft ze allemaal gewonnen. Tegenwoordig kennen we hem vooral van zijn rol als pater familias in 'De Planckaerts', de realitysoap over het dagelijks leven van zijn familie in het Waalse Lesterny. En nu is er 'Chateau Planckaert', waarin hij en zijn familie een verwaarloosd kasteel in Frankrijk willen omtoveren in een chambre d'hôte. "Het leven dat ik nu leid, is nog altijd voor 80% te danken aan het feit dat ik gekoerst heb. Niets ontzien, doorbijten, niets is onmogelijk. Dat is coureur zijn."

"Als je bij de jeugd rijdt, is het allemaal plezant die 40, 80 of maximum 120 kilometer. Echt plezant, leutig. Je rijdt met je vrienden en je supporters naar de koers. Daarna een pak frieten eten. Da's leven. Vooral ook omdat ik bijna elke koers die ik reed won. Ik was toen 14, 15, 16 jaar. Op een bepaald moment dacht ik echt dat ze mij lieten winnen. Het was niet meer normaal."

"Maar dan kom je bij de beroepsrenners en is er enkel en alleen nog discipline en afzien. Geen cola aan tafel, enkel water. Niet te veel brood eten. Om 9 uur in bed. Al die regeltjes omdat je in loondienst bent en je moet presteren. Maar als je goed bent, dan valt het nog best mee. Ik heb 1 op de 3 koersen die ik gereden heb in mijn leven gewonnen. Dat is veel, zeer veel. Maar dat afzien, dat was niet mijn ding."

Koersen is naar de oorlog gaan

Eddy Planckaert

"Koersen op topniveau is lastig, is zwaar, echt niet normaal. Afzien, valpartijen. Renners zien constant af. Nu zie je dat niet meer. Ze hebben een bril op, een helm, je kan hun gezicht bijna niet meer zien. Maar vroeger zag je die uitdrukkingen op de gezichten veel beter, ook bij mensen als Merckx. Het verschil is dat ze nu miljoenen verdienen, dat klopt. In mijn tijd moest je echt nog vechten voor je geld." 

"Ik heb goed mijn boterham verdiend omdat ik veel won. Want zeg nu eens eerlijk: is dat zo plezant 6 uur in de regen rijden? Niet één dag, maar iedere dag. Of tijdens de Tour bergop rijden bij 40 graden. Is dat leuk? Neen, helemaal niet. Maar natuurlijk koerste ik graag: ik won veel en verdiende dus veel. Maar mocht ik een tweederangscoureur geweest zijn, ik zou niet lang gekoerst hebben. Want fietsen is afzien. Het leven dat ik nu leid, is nog altijd voor 80% te danken aan het feit dat ik gekoerst heb. Niets ontzien, alles kan, doorbijten, niets is onmogelijk. Dat is coureur zijn. Zeggen dat 'koersen het mooiste is wat er bestaat', dat klopt niet. Koersen is keihard afzien, levensgevaarlijk. Koersen is naar de oorlog gaan. Dat is misschien een beetje overdreven, maar het scheelt toch niet veel."

"Ik heb geleefd!"

Uiteindelijk is Eddy Planckaert amper 10 jaar prof geweest. "Een hele korte carrière. Dat heeft te maken met het reglement dat toen bepaalde dat je pas beroepsrenner mocht worden op je 22 waardoor ik 4 jaar verloren heb. En dan was er die dubbele hernia, waardoor ik eigenlijk bij de profs altijd met rugpijn heb gereden. Op een bepaald moment ging het echt niet meer en ben ik dus wel moeten stoppen, maar anders had ik zeker nog een paar klassiekers gewonnen, zeker weten."

"Maar goed, heb ik alles uit mijn carrière gehaald? Eigenlijk wel. Want ik heb mij ook fantastisch goed geamuseerd. Renners worden soms vergeleken met paters. Eten, slapen, rusten en koersen. Dat is het. Maar ik niet hoor. Echt niet. Ik heb geleefd! En mocht ik de keuze opnieuw mogen maken, ik zou weer gaan koersen. Direct!" 
 

Aanbevelen via mailSturen via mail

het gezegd heeft!