Wat is volgens jou de 'lelijkste' vis van de Noordzee?

woensdag 22 juli 2020 - 09:01
'Lelijk' in de zin van anders dan anders, angstaanjagend misschien, minder aantrekkelijk op het eerste gezicht, maar daarom niet minder nuttig en/of lekker! Hoe dan ook, de kans bestaat dat je verschillende van de vissen die we je hier gaan voorstellen niet kent. Maar geen probleem: wij stellen ze aan je voor!

Klik hier om jouw favoriet te kiezen! 

Maar wil je met kennis van zaken kiezen, lees dan zeker onze informatie hieronder!

De Snotolf

De snotolf, ook wel lompvis, genoemd, is onze eerste kandidaat voor de Lelijkste Vis van de Noordzee-verkiezing. Opmerkelijk kenmerk zijn de buikvinnen, die vergroeid zijn tot een soort zuignap. Hiermee zuigen ze zich vast aan rotsen om op hun gemak een hapje te verorberen of op hun broedsel te letten. Geen overbodige luxe, snotolven zijn gezien hun ronde vorm en kleine vinnen nogal onbeholpen zwemmers.
 
Op hun menu staan kwallenlarven, kleine schaaldieren en andere visjes. Kraamzorg is bij de snotolf vooral voorbehouden voor de mannetjes. Ze maken een nest in spleten of kuilen in de zeebodem, waar het vrouwtje haar eitjes afzet. Vervolgens zuigt het mannetje zich vast naast de eitjes, beschermt hij hen tegen roofdieren en waait hij zuurstofrijk water over de eitjes met zijn vinnen. 

De snotolf wordt bevist, maar niet voor zijn vlees. De eitjes van de vis zijn immers een goedkoop alternatief voor kaviaar. Ze hebben ook hun nut als “opruimvissen” in de zalmkweek, aangezien de parasieten op zalm als een lekker hapje zien.

De Zeeduivel

Onze tweede kandidaat is de zeeduivel, ook wel lotte of staartvis. Met hun afgeplatte lichaam, brede muil en losse huis een waardige deelnemer aan deze verkiezing. De zeeduivel is gemiddeld één meter lang, maar haalt ook twee meter. Hun lange tanden zijn naar binnen geplooid, zodat prooien wel makkelijk naar binnen kunnen, maar veel moeilijker terug naar buiten. Ze vertoeven hoofdzakelijk op de zeebodem, waar ze door hun camouflagekleuren perfect opgaan in de omgeving.

Hun dieet bestaat vooral uit andere vissen en een occasionele zeevogel (!). Ze lokken hun prooi met behulp van een stekel op hun hoofd en schieten dan tevoorschijn om de nietsvermoedende vis in één hap te verorberen. Vandaar ook hun Engelse naam, angler of visser.

De zeeduivel wordt beschouwd als één van de lekkerste vissen die er in onze Noordzee gevangen kan worden, op vlak van smaak en gemak gezien het gebrek aan graten. In België wordt er jaarlijks ongeveer 500 ton zeeduivel opgevist. Misschien een tip voor op de barbecue deze zomer?

Het Harnasmannetje

Harnasmannetjes danken hun naam aan de karakteristieke ‘pantserplaten’ waarmee ze bedekt zijn. De Nederlandse taal kent echter verschillende namen voor deze vis, zoals oudewijfskaak, oude vent en postkop. Ook kenmerkend zijn de stekels onderaan hun kop, die wat doen denken aan een baard. Ze zijn hoofdzakelijk te vinden in ondiepe wateren aan de kust, maar in de winter migreren ze naar het diepe, tot wel 270 meter.

Op hun menu staan schelpdieren, kleine kreeftachtigen en wormen. Ze leggen hun eitjes in zeewier. Deze komen uit na tien à elf maanden, opvallend lang voor vissen.

Deze vis zal je niet op je bord vinden want hij wordt niet bevist. 

De Zeewolf

De wolf mag dan terug zijn intrede doen in ons land, de zeewolf is nooit weg geweest uit onze Noordzee. Deze lieverd wordt 50 à 60 cm lang en kan je herkennen aan de lange doorlopende rugvin en donkere strepen op de zijkanten. En zijn indrukwekkende tanden uiteraard. Deze worden trouwens elk jaar gewisseld!

De zeewolf is verzot op schaaldieren, kreeften, krabben, zee-egels … Gezien zijn dieet komen die tanden dus goed van pas om de harde buitenkant van zijn prooien open te breken. Zeewolven zijn ook goede vaders, ze bewaken hun broedsel tot ze sterk genoeg zijn om op hun eentje te overleven. Daarbij gaat alle focus naar de kleintjes, zelf eten ze nauwelijks iets in die periode. Opmerkelijk is ook de antivries-vloeistof in hun bloed, die hen doet overleven in zeer koude zeegebieden.

De zeewolf is een populaire vangst bij vissers omwille van de goede smaak en aangename textuur. Actief wordt er niet echt op gevist in België, als hij gevangen wordt is het eerder als bijvangst van de tong- en scholvisserij. De zeewolf op restaurant wordt doorgaans aangeleverd vanuit het buitenland.

De Groene Zeedonderpad

De Groene zeedonderpad is wel degelijk een vis. De brede bek en kop, het gebrek aan schubben verklaren de oorsprong van zijn naam. Maar, naast groene exemplaren zijn er ook vaak met gele, oranje en rode tinten. 

Deze vis wordt doorgaans niet veel groter dan 20 cm, maar laat zeker niet op zijn kop zitten. Hij schrikt er niet van terug om grotere vissen aan te vallen voor een maaltje, als hij even geen zin heeft in garnalen of schelpdieren. Zijn tactiek bij voorkeur is om zich gecamoufleerd te verstoppen tussen de rotsen of wier, om dan bij verrassing toe te slaan wanneer er een nietsvermoedende passant voorbij zwemt. 

De Groene zeedonderpad heeft geen zwemblaas en zakt dan ook als een baksteen naar beneden wanneer hij stopt met zwemmen (in tegenstelling tot vele andere vissen die mooi ter plaatse blijven drijven dankzij dit orgaan). Hij is dan ook vooral in de kustwateren te vinden.

Aan onze kust is de soort minder vaak terug te vinden, en gezien zijn camouflage en voorkeur voor nachtelijke jaagpartijen kom je hem sowieso al moeilijk tegen. In Zeeland is hij wel vaak terug te vinden. Het vlees zou een delicatesse zijn. Gezien de kleine omvang en de grote kop is er wel maar weinig vlees aan de vis, dus de visserij laat deze soort eerder links liggen.

Extra info

Tips om de zee en haar bewoners te beschermen, vind je op www.dezeebegintbijjezelf.be

Meer dierenweetjes vind je in de brochure ‘Er leeft wat in zee … Hoe de rijke biodiversiteit van onze Noordzee beschermen en herstellen?’ van de FOD Volksgezondheid.

Aanbevelen via mailSturen via mail

het gezegd heeft!